Ga naar hoofdinhoud

“Ben je opnieuw geboren, mijn vriend?” Aan duizenden katholieken is deze vraag gesteld door goedbedoelende fundamentalisten of evangelische christenen. Natuurlijk, met “wedergeboorte” bedoeld een Protestants meestal: “Heb je Jezus Christus aanvaard als je persoonlijke Heer en Verlosser door middel van het reciteren van het ‘het gebed van de zondaar’?” Hoe zou een katholiek hier op kunnen reageren?

Het simpele katholieke antwoord is: “Ja, ik ben wedergeboren – toen ik werd gedoopt.” In feite, Jezus’ beroemde “wedergeboren worden” discours uit Johannes 3:3-5, waar we de woorden “wedergeboren” in de Schrift aantreffen, leert ons over het wezen van de doop:

Jezus gaf hem ten antwoord: “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: als iemand niet wedergeboren wordt kan hij het Rijk Gods niet zien.” Nikodémus zei tot Hem: “Hoe kan een mens geboren worden als hij al oud is? Kan hij soms in de schoot van zijn moeder terugkeren en opnieuw geboren worden?” Jezus antwoordde: “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg U; als iemand niet geboren wordt uit water en geest, kan hij het Rijk Gods niet binnengaan.

Op dit punt zal een fundamentalist of evangelisch christen bijna voorspelbaar reageren: “De doop zal je niet redden, broeder; Johannes 3:5 zegt dat we geboren dienen te worden uit water en de Geest.” De katholiek zal dan verteld worden dat het”water” uit Johannes 3:5 niets te maken heeft met de doop. Afhankelijk van de voorkeur van degene die tegen de katholiek spreekt, zal het “water” ofwel worden geïnterpreteerd als de natuurlijke geboorte van de mens (“water” is het vruchtwater), en “de Geest” vertegenwoordigt dan de nieuwe geboorte, of het water zou het woord van God vertegenwoordigen, waardoor men opnieuw geboren wordt als men Jezus aanvaardt als zijn persoonlijke Heer en Verlosser.

Vruchtwater versus doopwater

Het “water” uit Johannes 3:5 als vruchtwater te benaderen, is het toch ietwat uit de context halen! Wanneer we de werkelijke woorden en de omringende context van Johannes 3 overwegen, lijken de wateren van de doop de meer redelijke -en Bijbelse – interpretatie. Overweeg deze omliggende teksten:
Johannes 1:31-34: Jezus werd gedoopt. Als je de parallelle passage vergelijkt in het evangelie van Matteüs (03:16), vindt je dat toen Jezus gedoopt werd, “de hemelen werden geopend” en de Geest daalde op hem neer. Uiteraard was dit niet omdat Jezus moest gedoopt worden. In feite, de H. Johannes de Doper merkte op dat hij degene was die moest worden gedoopt door Jezus (zie Mat. 3:14)! Jezus werd gedoopt om zodoende “het vastgestelde te volbrengen” en “om zijn volk de boodschap van verlossing te brengen, door de vergeving van hun zonden,” volgens de Schrift (vgl. Mat. 3:15; Luc. 1:77). Met andere woorden Jezus liet ons de weg zien waardoor de hemel voor ons geopend zou worden opdat de Heilige Geest op ons neer zou dalen …. door de doop.

Johannes 2:1-11: Jezus verrichtte zijn eerste wonder. Hij veranderde water in wijn. Let op, Jezus gebruikte water uit “zes stenen kruiken … volgens het reinigingsgebruik der Joden”. Volgens de Septuaginta, evenals het Nieuwe Testament, werden deze reinigenden wateren baptismoi genoemd (zie LXX, Num. 19:9-19; vgl. Mar. 7:4). We weten dat rites, offers, enz., uit het Oude Testament, slechts “een schaduw zijn van de goede dingen die komen moesten“. (Heb. 10:1). Ze zouden nooit zonden kunnen wegnemen. Dit is misschien wel de reden waarom “zes” stenen kruiken worden gespecificeerd door de H. Johannes – om onvolmaaktheid te duiden, of “het getal van een/die mens” (zie Apok. 13:18). Het is interessant om op te merken dat Jezus deze oudtestamentische doopwateren in wijn transformeerde – een symbool van de perfectie van het Nieuwe Verbond. (zie Joël. 3:18; Mat. 9:17).

Johannes 3:22: Direct na Jezus’ “wedergeboren” discours tegen Nicodemus, wat doet hij? “… Daarna ging Jezus met zijn leerlingen het land van Judea in, bleef daar enige tijd met hen en doopte er.” Het lijkt er op dat hij mensen doopte. Dit is de enige keer in de Schrift dat we blijkbaar Jezus aantreffen die daadwerkelijk doopt.

Johannes 4:1-2: Jezus’ discipelen beginnen dan vervolgens op Jezus’ bevel te dopen. Uit de tekst blijkt dat Jezus hoogstwaarschijnlijk alleen zijn discipelen doopte en vervolgens doopten zij iedereen.

Samengevat, Jezus werd gedoopt, veranderde de ‘doop’ wateren, en gaf vervolgens zijn beroemde “wedergeboren” worden discours. Hij doopte vóór dat hij de apostelen de opdracht gaf om er op uit te gaan en te dopen. Jezus te ontkennen, zo werd ons geleerd over de doop in Johannes 3:3-5, is de duidelijke Bijbelse context ervan te negeren.

Bovendien, beschrijft Johannes 3:5 niet twee gebeurtenissen; het beschrijft één gebeurtenis. De tekst zegt niet: “als iemand niet geboren wordt uit water en dan weer geboren uit de geest …” Er wordt gezegd “als iemand niet geboren wordt uit water én geest, kan hij het Rijk Gods niet binnengaan …” Als we terugluisteren naar de doop van de Heer zelf in Johannes 1 en Matteüs 3, bemerken we dat toen onze Heer gedoopt werd, de Heilige Geest gelijktijdig op hem neerdaalde. Dit was een gebeurtenis waarbij zowel water als de Geest mee gemoeid was. En zo is het ook met onze doop. Als we God gehoorzamen in het gedoopt worden – dat is onze bijdrage – kunnen we er op rekenen dat God evenzo “de hemelen” voor ons opent en ons de Heilige Geest geeft.

En tenslotte, het zou anachronistisch zijn om aan Jezus’ gebruik van “water” in het Johannes evangelie, de betekenis van een lichamelijke geboorte te geven. In feite, de H. Johannes had gewoon een woord kunnen gebruiken om te verwijzen naar de fysieke geboorte in Johannes 1:12-13, maar het was geen “water”.

Maar voor allen die hem ontvangen, die in zijn naam geloven, hij heeft het vermogen gegeven om kinderen van God te worden; die zijn geboren, niet uit bloed, noch uit de wil van het vlees, noch uit de wil van de mens, maar uit God.

De H. Johannes vertelt ons hier dat we geen kinderen van God door geboorte zijn (“bloed”), of door onze eigen pogingen, of ze nu via onze lagere natuur zijn (“van het vlees ‘) of zelfs door de hogere machten van onze ziel (“de wil van de mens”); veeleer moeten we uit God geboren worden, of door Gods kracht. Let op, Johannes verwijst informeel naar de natuurlijke geboorte als uit “bloed”, niet als uit “water”.

Het wassen van het water door het Woord

Het is misschien een nog grotere inspanning om te proberen het “water” uit Johannes 3:3-5 te claimen als staande voor het Woord van God. Met het vruchtwaterargument heb je tenminste nog de vermelding van “geboorte” in de directe context. Toch zullen de protestanten soms naar Efeziërs 5:25-26 verwijzen en een paar andere teksten, om dit punt te maken:

Mannen, hebt uw vrouw lief, zoals Christus de kerk heeft liefgehad: Hij heeft zich voor haar overgeleverd om haar te heiligen, haar reinigend door het waterbad met het woord .

“Ziet u?” zou een protestant kunnen zeggen: “Het ‘wassen van water’ wordt hier gelijkgesteld aan ‘het woord’ dat ons reinigt.” Als je deze tekst combineert met de woorden van Jezus in Johannes 15:3: “Gij zijt al rein dankzij het woord dat Ik tot u gesproken heb,” wordt de bewering gemaakt dat “het water” van Johannes 3:5 eigenlijk verwijst naar het Woord van God in plaats van naar de doop.

Het Katholieke antwoord

Afgezien van de het voor de hand liggende feit dat niets in de context van het evangelie van Johannes zelfs maar verwijst naar “water” in relatie tot “het woord”, kunnen we direct wijzen op een overeenkomst. Zowel katholieken en protestanten zijn het erover eens dat Jezus’ woorden – als iemand niet wedergeboren (opnieuw geboren) wordt – duiden op het eerste binnengaan van de mens in het Lichaam van Christus door Gods genade. Misschien zou het nuttig zijn om ons bij dit punt af te vragen wat de nieuwtestamentische schrijvers zagen als het instrument waarbij men allereerst binnengaat in Christus. Dit zou precies datgene zijn waarover we spreken als men het heeft over “’wedergeboren” worden.

1 Petrus 3:20-21: “… die eertijds, in de dagen dat Noach de ark bouwde, weerspannig waren geweest, terwijl God in zijn lankmoedigheid geduld oefende. In de ark bleven slechts enkelen, niet meer dan acht personen, behouden te midden van het water.”

Romeinen 6:3-4: “Gij weet toch, dat de doop, waardoor wij een zijn geworden met Christus Jezus, ons heeft doen delen in zijn dood? Door de doop in zijn dood zijn wij met Hem begraven, opdat ook wij, zoals Christus door de macht van zijn Vader uit de doden is opgewekt, een nieuw leven zouden leiden.”

Galaten 3:27: “Want gij allen die in Christus zijt gedoopt, zijt met Christus bekleed.”

1Korintiërs 12:13: “Wij allen, Joden en heidenen, slaven en vrijen, zijn immers in de kracht van een en dezelfde Geest door de doop een enkel lichaam geworden en allen werden wij gedrenkt met een Geest. (zie ook Mar. 16:16, Hand. 2:38, Hand. 22:16 en Kol. 2:11-13).

Als de doop de manier is waarop de ongelovigen in Christus worden gebracht, dan is het geen wonder dat Christus sprak over zijn “geboren wordt uit water én geest“. Volgens het Nieuwe Testament is de doop het instrument van de nieuwe geboorte.

 

Geschreven door Tim Staples, staf apologeet bij Catholic Answers.

Dit artikel werd eerder gepubliceerd op Catholic Answers en is met toestemming vertaald en geplaatst.

Back To Top